Zoute zeelucht en Middeleeuwse hoogtes op en rond Trapani

Het is dinsdagmorgen en de wind houdt zich nog koest. Een perfect moment voor Niels, Doortje en de kids om met de dinghy koers te zetten naar de Dutch Osprey, die rustig voor anker ligt. Terwijl Milou het nog even op een afstandje bekijkt, vindt Mees het een tikkeltje spannend, maar vooral ontzettend stoer. Eenmaal aan boord gaat hij direct op onderzoek uit met opa Cees. Want zeg nu zelf: twee badkamers en zóveel bedden op een boot, dat is nogal wat. Mees neemt vol overtuiging het stuurwiel over varen we nog wel de goede kant op? terwijl er evenlater een vislijntje in het diepe zeewater verdwijnt in de hoop op een mooie vangst. Iedereen smult van de homemade appelboterkoek van Anneke en even later vliegen de tosti’s over tafel. Zelfs de piratenvlag wappert trots in de mast tot hij het begeeft. Oeps, nu nog even vissen naar de kraanlijn.

De woensdag staat in het teken van de ‘on the hard’ experience. De boot wordt uit het water getakeld en de extra handen van Niels zijn daarbij goud waard. ’s Middags een borrel in hun vakantiehuis. Maar lang blijven we niet met de voeten op de grond, want op donderdagmorgen 6 mei 2026 staat ‘Taxibedrijf Niels & Co’ alweer paraat. Met de kabelbaan zweven we met z’n allen naar het middeleeuwse Erice, dat hoog op de berg prijkt. De lucht is kraakhelder, wat zorgt voor een spectaculair uitzicht over de omgeving.

Vrijdag is het tijd voor een barbecue in de enorme tuin van het vakantiehuis. Onder een stralend blauwe hemel wagen Niels, Mees en oma Anneke een dappere plons in het zwembad, al is het zeewater nog behoorlijk fris. Terwijl wij heerlijk smikkelen vermaken de kinderen zich eindeloos. Heerlijk om zo met elkaar te genieten van de zon, het water en de Siciliaanse sfeer.

Op naar Trapani: Avonturen langs de Siciliaanse kust

Onze eerste zeildag zit erop. We varen richting Licata, waar we rond 17.00 uur het anker met een flinke plons in de diepte laten zakken. Van zomerse outfits is helaas nog geen sprake; we kruipen diep in onze truien en lange broeken, want het is nog behoorlijk fris op het water. De volgende dag zetten we koers naar Sciacca. De wind staat gunstig en we varen ‘melkmeisje’. Cees is volop in actie op het voordek: de boom wordt gezet en de genua mooi uitgeboomd. Een prachtig gezicht. We gaan hier ten anker, maar… dat is een minder groot succes. De boot rolt zó extreem heen en weer dat slapen eerder een uitdaging dan een rustmoment is. Dus om 6.30 alweer uit de veren.

Bij Mazara Del Vallo hopen we te ankeren, maar de natuur denkt daar anders over. Met windkracht 6 en behoorlijk hoge golven beuken we door het water. We bellen de haven voor een plekje, maar ze nemen niet op. We varen direct door naar Marsala. Eindelijk… rust. Na een heerlijke nacht slapen is het tijd voor actie: De dinghy lanceren en oppompen. Het motortje erop takelen. Gaan met die banaan. Op de kant vinden we een prachtig binnenpleintje met een fontein. We genieten van een échte Italiaanse cappuccino—zoals alleen zij die kunnen maken.

Na drie dagen Marsala zetten we koers naar Trapani. Eindelijk is het zover: we gaan Niels, Doortje, Mees en Milou zien. Zij hebben voor een week een huis gehuurd, maar het weer werkt nog niet echt mee. Vandaag, maandag 4 mei, loeit de wind weer over het dek. Het is veel te onstuimig om ze met de dinghy op te halen, dus we gaan zelf maar naar de kant voor de eerste knuffels. Dat is nog een hele operatie, want de lokale haven vraagt doodleuk 50 euro om je bijbootje twee uurtjes aan de steiger te leggen, echt te gek voor woorden. Opzoek naar een ander plekkie. Morgen wagen we een nieuwe poging om ze aan boord te krijgen. Milou trekt haar jas ondertussen nog eens extra dicht: “Brrrr, zijn we op wintersport of toch op Sicilië?”

Vaarwel Marina di Ragusa: Op naar het westen

We verlaten Marina di Ragusa. Maar voor het zover is, staat er weer een typische ‘Cees-klus’ op het programma. De windgenerator maakt inmiddels behoorlijk wat lawaai, dus heeft tie een revisie set speciaal uit Nederland meegesleept. Op YouTube ziet het er zoals altijd simpel uit: even losschroeven, onderdeel vervangen en klaar. De werkelijkheid? Een mega-klus. Werkelijk alles zit muurvast. Tot overmaat van ramp blijkt de stator ook nog eens warm gelopen te zijn. “Even snel in elkaar zetten” zit er dus niet in. Na vier volle dagen zwoegen, zweten en sleutelen is het project eindelijk met succes afgerond. Hij doet’t weer naar behoren.

Terwijl Cees vecht met de techniek, levert zoon Niels een topprestatie in Nederland. Op zaterdag 18 april rijdt hij de Amstel Gold Race. Maar liefst 150 kilometer trappen. Hij rijdt samen met collega’s, al is het door de drukte op de Cauberg regelmatig filerijden op de pedalen.

De sfeer in de haven is goed. Vrijdagavond 17 april schuiven we nog één keer aan voor een diner met de bemanning van de Norell en de Waaibaai. De volgende ochtend zwaaien we ze uit; zij zetten koers naar Malta, terwijl wij ons eigen vertrek voorbereiden.

De zeilen zijn aangeslagen, de watertanks zitten vol en de benzine voor de bijboot is binnen. Tussendoor genieten we van zondagochtend-koffietjes, eten en een borreluurtje bij ons aan boord. Vandaag, Koningsdag in Nederland, gooien we de trossen los richting het westen. Het voelt dubbel; we kwamen hier voor het eerst in 2011. Dit is echt de laatste keer dat we hier uitvaren, want komende winter keren we niet meer terug naar deze vertrouwde haven.

Van Schiphol naar de Siciliaanse zon

Na een vroege taxirit om 3.30 uur (woensdag 8 april) staan we op Schiphol, waar een “gele camouflage-gast” de vliegtuigramen nog even strak en streeploos lapt. Een geruststellend gezicht. Kort na het middaguur stappen we aan boord van de Dutch Osprey. Eer wie eer toekomt: ik ben in mijn vorige post vergeten te vermelden dat schoonzoon Peter de Ronde van Vlaanderen heeft bedwongen. 163 km afzien op de pedalen en rammelen over de kasseien. Een enorme prestatie die ik natuurlijk niet onvermeld mag laten. Petje af, Peter. Naast de onvermijdelijke maar ook onvoorziene klussen vinden we ook een ongenode gast: een kakkerlak van indrukwekkend formaat. Met een gerichte sprayactie hebben we hem vriendelijk doch dringend verzocht het schip te verlaten

Buiten lunchen en dineren in deze tijd: ’t is genieten. Hoewel, Cees heeft zijn oog op iets anders laten vallen: de nieuwe McDonald’s in de haven. Op vrijdag 10 april 2026 weet hij ons (Remco, Lia, Michiel en mij) over te halen. Het was even puzzelen met de bestelzuilen, maar even later zitten we weer eens ouderwets te “smikkelen”.

Woensdag 15 april ruilen we de boot in voor een Fiat Panda samen met Lia en Remco. Dankzij een paar verrassende tips van AI wordt het een gezellige dag. In Comiso een cappuccinostop. Met dank aan de lokale heren die onze parkeerplek goedkeuren.

Op naar Villa Fegotto in Chiaramonte Gulfi: Een prachtige tijdreis naar de 17e eeuw. Gids Peppe geeft ons een privétour over dit enorme landgoed (statige historische boerderij), dat vroeger een dorp op zich was. Functioneel en zelfvoorzienend met o.a. een eigen kerkje, schooltje, postkantoor en verschillende productiegebouwen zoals een wijnmakerij, oliemolen, een graanschuur en stallen. Een lunch en geen bezoek aan deze regio zonder olijfolie. Na een proeverij (citroen, mandarijn, basilicum, knoflook enz) hebben we de voorraad aangevuld. Rond 18.30 uur stappen we, na een  Lidl-stop, weer voldaan aan boord.

Vijf maanden Nederland

Zoals Petra laatst treffend zei tijdens het koor: Zo ben je er, zo ben je weer foetsie.” En gelijk heeft ze. Onze vijf maanden in Nederland zijn voorbijgevlogen. Het was een tijd van warmte, kou, feestjes en dierbare momenten die we voor geen goud hadden willen missen. Het begint allemaal in november met een feest van Anneloes en Peter die 10 jaar samen zijn. Daarna volgt een estafette van mijlpalen: Rob viert zijn 70e verjaardag met een winter barbecue en Jannie tovert het Skûtsjemuseum in het hoge noorden om tot een prachtig feestdecor.

Met de kookclub trekken we een weekend naar de Zeeuwse kust voor o.a .een heuse zeewier-experience. Een absolute verrassing is de intocht van Sinterklaas. Tussen alle drukte door klinkt er ineens een vrolijk Hallo Frenkie, hallo oma Anneke door de ruimte. Mijn dag kan niet meer stuk.

We hebben de museumkaart goed benut. We genieten van de koninklijke pracht in Paleis Soestdijk, de indrukwekkende verhalen in het Migratiemuseum in Rotterdam, het militair museum in Soest, het Philipsmuseum in Eindhoven en de oude kerk te Delft. Met tennisvriendinnen toveren we een overheerlijk kerstmenu op tafel. Hoewel ik zelf niet op de baan heb gestaan (onderzoeken die in oktober een definitieve oplossing krijgt) is eind maart de afsluiting van het winterseizoen met een gezellige lunch.

De kersttijd, eerst de gezelligheid hier, toen een uitstapje naar Noord-Frankrijk waar we met goede vrienden toosten op het nieuwe jaar. Vervolgens de zoektocht naar ambachtelijke comtoise-klokken in de Franche-Comté. Januari 2026 trakteert ons eindelijk op die witte wondere wereld: de slee komt van stal, rode konen van de kou, broer Jan die overkomt uit Amerika en 4 verjaardagen van kleinkids.

Het is een periode van vele oppasmomenten, juffie-momentjes, zang/optreden- momentjes en een sjieke Afternoon Tea in het Waldorf Astoria (Amsterdam, welteverstaan). We dompelden ons onder in de 16e eeuw voor een verkleedpartij rondom Potje Bart en zijn onder de indruk van de musical Willem van Oranje. En verder veel lunches, houten serveerplank graveren met Guido en Hanny, paaseieren zoeken en nog veel meer. Nu de lente voorzichtig begint te gloren, is het tijd om de blik weer op het water te richten. Op woensdag 8 april 2026, in de vroege uurtjes, keren we bootwaarts. het volgende avontuur wacht.