Langres, tunnel en avalant

Met onze rode Brompton fietsjes fietsen we naar Langres. Zo’n 20 minuutjes vanaf de plek waar we liggen. Deze vestingstad ligt op een rots en wordt omringd door 12 torens en 7 poorten. Vanaf de stadsmuur heb je een prachtig uitzicht over de omliggende dalen. En dan willen we ergens lunchen maar dat willen er meer, alles is “complet”. Pas bij nr. 5 hebben we beet vlak tegenover het standbeeld van Denis Diderot, wie kent hem niet. Filosoof en hoofdbedenker van de Encyclopedie. Ha ha hopeloos achterhaald natuurlijk. Na de lunch krijgen alle dames een roos: het blijkt in Frankrijk Moederdag te zijn.

 

 

 

 

 

 

 

 

En dan mogen we maandag 28 mei 2018 door de bijna 5 km lange tunnel van Balesmes, op zich niet zo ingewikkeld, maar het is er smal en donker. Om 9.00 uur liggen we voor de ingang. Maar de lichten blijven op rood. Er komt een autootje van de VNF aan gesjeesd. Door het onweer van gisteravond hebben omgewaaide bomen de doorgang van de tunnel versperd. Pas iets over twaalven mogen we starten. Cees heeft uit voorzorg voorop de boot een lamp gemonteerd en die blijkt hard nodig want een  groot deel van de tunnel is onverlicht. In opperste concentratie stuurt Cees onze Namasté zeer behendig en zonder kleerscheuren er doorheen. We doen er bijna een uur over.

 

 

 

 

We gaan “avalant”, in de afvaart, langs graan velden en veeteelt bedrijven. Wederom veel sluizen en praktisch geen andere boten. Ook hier geen echte haventjes maar af en toe een aanleg plekje voor 1 of 2 boten. Soms bij zo’n piepklein Frans dorpje met vaak 1 kerk en wat oude huizen of boerderijen, that’s it. Geen winkel of boulangerie te bekennen.

 

 

 

 

 

Sluizen, sluizen en nog eens sluizen

Tweede Pinksterdag, na een cappuccino met pain au chocola en een pain raisin, gaat Leon weer huiswaarts. Via Canal latéral à la Marne waar we de plaatsen Chalons-en-Champagne met zijn enorme kathedraal en Vitre la Francois met zijn mooie Hotel de Ville en het plein met de godin La Déesse, die troont op een gietijzeren fontein aan doen, belanden we op Canal Entre Champagne et Bourgogne (of te wel Canal de la Marne à la Saone) . De komende tijd gaan we 71 sluizen montant, dan hebben we een tunnel plateau l’Angres van 5 km en dan weer iets van 60 sluizen naar beneden. Bergie op en bergie af zogezegd.

 

 

 

 

We zijn nu 4 dagen onderweg en hebben 71 sluizen gehad, pffff.  De bediening varieert ook. Sommigen worden bediend door iemand die werkt voor het VNF (Voies Navigables de France), bij sommigen krijg je een kastje mee waarmee je de sluis op  afstand kan bedienen. Je hebt sluizen waarbij er een stang boven het water hangt waar je een kwartslag aan moet draaien om de sluis in werking te zetten en sommigen gaan nog op de ouderwetse manier gewoon met de hand. Onder water woekert hier een soort waterplant, ziet eruit als dennentakken maar boven water zie je slierten, waardoor de wierpot van de motor, aardig wat keertjes per dag geleegd moet worden. Op sommige stukken ploeg je er met je bootje doorheen zogezegd.

 

 

 

 

 

 

 

 

We overnachten in St. Dizier waar we niet echt op een ideale locatie liggen maar wel tegen de avond getrakteerd worden op een gratis vliegshow van de Franse luchtmacht met 8 straaljagers. Via Joinville en Chaumont zijn we nu in Langres aangekomen, iets buiten het stadje maar wel in een bergachtige groene omgeving, een top plek. We zijn in totaal 350 m omhoog gegaan en bevinden ons op het hoogste punt van deze reis. En kennen jullie het liedje van de 7 kikkers in die boerensloot. Nou hier zijn het er geen zeven maar hebben ze de hele buurt uitgenodigd en deze kwekken en kwaken wel. We krijgen een hele serenade van niet 1 uur maar veeel langer.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De Champagnestreek

En dan scheiden onze wegen. Willem en Ingeborg gaan richting Le Havre en wij via de Marne naar het zuiden. Dus nemen we op maandag 14 mei afscheid van elkaar. Dag dag het was gezellig deze drie weken. In Mary-sur-Marne liggen we op een leuk plekje af gemeerd met 2 restaurants in ons vizier. Cees verheugt zich er enorm op maar tegen 19.00 uur zien we bij beiden restaurants nog geen beweging. Blijkt dat ze ’s avonds niet open zijn, is dat even pech. Dat wordt eten bij Chez Ann. Kaasfondue met stokbrood en een Griekse salade. Toe Iris Coffee, ook niet verkeerd toch. Via de kronkelige Canal de Marne belanden we in de Champagne streek met aan weerszijden tegen de helling wijngaarden.

 

 

 

 

We liggen inmiddels in Epernay in een leuk haventje waar we als welkomstdrankje …..Champagne krijgen hoe kan het ook anders. Vaak proberen we om streek producten te kopen. Dat wordt hier dus Champagne, echt afzien. Hi hi een Champagne ontbijtje, lunch en diner. Leon komt onze kant op en verheugt zich er al op. Lekker dat we nu een auto tot onze beschikking hebben. Zaterdag 19 mei rijden we naar Hautvillers. Hier prachtige uitzichtpunten over de wijngaarden. We nemen een kijkje in de abdijkerk van Dom Pérignon (waarnaar de beste Champagne van Moët & Chandon is genoemd, zelfs James Bond drinkt het). De ontdekker van Champagne door toevoeging van suiker waardoor er een tweede gisting optreedt en de wijn mousserend wordt.

 

 

 

 

 

 

 

 

We krijgen een interessante rondleiding in het Champagnehuis De Castellane in Epernay en lopen over Avenue de Champagne met zijn vele bekende champagnehuizen. Er zitten er hier wel zo’n 300. De Champagnehuizen kopen het sap van de druiven van de wijnboeren uit deze streek. Drie druivensoorten gebruiken ze n.l. Pinot Noir, Pinot Meunier en de Chardonnay. Er wordt met geduld, liefde voor het vak en passie gewerkt. Alles wordt met de hand geplukt, niet te geloven. Nou ze lusten er hier wel pap van want overal is het Champagne wat de klok slaat. En wij, wij genieten mee.

 

 

 

 

 

Het imposante Versailles en Musée d’Orsay

Zaterdag 12 mei staat een dagje Versailles op het programma. Allebei zijn we daar nog nooit geweest. Het ligt iets buiten Parijs, dus met de metro (er galmt elke dag wel Franse muziek door het labyrint van die ondergrondse gangen) en dan per trein naar het eindpunt Versailles Rive Gauche. Oeps, ze hebben zeker een mega blik toeristen opengetrokken want er staat al een aardige rij. Maar als we anderen mogen geloven valt het nog mee. Binnen een half uur staan we binnen. Gelukkig hadden we bijtijds door dat dit niet de rij was om kaartjes te kopen maar voor de entree. De gebouwen zijn van buiten niet bijzonder mooi (alleen aan de voorkant veel goud wat er blinkt) maar wel heel indrukwekkend door zijn grootsheid.

 

 

 

 

We leren over Lodewijk de XIV, de zonnekoning. die dit paleis tot zoiets imposants heeft gemaakt. Vooral de spiegelzaal en de zaal waar alle veldslagen zijn afgebeeld op schilderijen maken veel indruk op ons. Wat een decadentie terwijl buiten de paleizen grote armoede heerste in Frankrijk. Geen wonder dat de Franse Revolutie uitbrak met als resultaat de onthoofding van Lodewijk de XVI en Marie-Antoinette.

 

 

 

 

De tuinen zijn in gesnoeide patronen geometrisch aangelegd met strak geknipte heggen, kaarsrechte paden, vijvers met opvallende beeldengroepen en fonteinen. Ook hier geldt weer groot, groter, grootst en waan je je terug in de tijd door de barok muziek die er klinkt. En dan mogen we nog een dagje blijven van de havenmeester (Moederdag kidootje zegt Cees) en bezoeken we zondag samen met Willem en Ingeborg het Musée d’Orsay. Een voormalig treinstation met heel veel kunst. Onder andere  schilderijen van veel beroemde schilders zoals van Gogh, Monet en Renoir, mooi hoor.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De Seine en Parijs

Via Noyon en Creil is het nog een aardig stukje over de brede Seine om in Parijs te komen. Zowel Canal du Nord als de Seine zijn vrij saai en oh oh wat hebben we een keuze stress om ergens aan te leggen voor een overnachting. De keuze is reuze maar niet heus. De meeste plekken langs de kade worden ingenomen door beroepsvaart al dan niet omgetoverd tot woonboot. Aftandse maar ook super mooie. Vanaf het water kun je vaak makkelijk even naar binnen kijken. Ook Port de Plaisance haventjes die in de Fluviacarte zijn beschreven blijken helemaal vol te liggen met van ‘die’ boten of we komen vast te zitten als we zo’n haventje in willen varen terwijl we maar 1m30 steken.  En, op sommige plekken wil je gewoon niet liggen i.v.m. clochards die onder bruggen of langs de oever een onderkomen hebben.

 

 

 

 

 

Als we 2 dagen van te voren via internet Port de Paris d’ Arsenaal willen reserveren blijkt tie vol te zijn, da’s effies bale. Zou het door het Hemelvaartweekend komen of is het er altijd zo druk. Meestal reserveren we niet, we zien wel, en vaak gaat dat goed maar…. nu dus niet. Wat nu? Vrijdag 11 mei varen we Parijs binnen. Woh heel wat beroemde gebouwen zijn vanaf de Seine aan weerszijden al goed te zien. Super cool dat we daar nu zelf varen, met…. waanzinnig mooi weer.

 

 

 

 

En dan varen we langs de haven. Via de marifoon roept Cees ze toch op je weet maar nooit. Joepie, er zijn net 2 plekken vrij gekomen, precies voor de Wing V en de Namasté. Voor maar 2 nachten maar hier zijn we al super blij mee. Cees ontpopt zich tot reisleider en heeft er aardig de vaart in. We zien al heel wat high-lights van Parijs zoals de Eiffeltoren, Pont Neuf (de oudste brug), de Conciergerie (tijdens de Revolutie een gevangenis en wachtkamer voor de guillotine), de Notre Dame en de 50 meter hoge Arc de Triomphe.

 

 

 

 

Er staan overal lange rijen zodat we nergens naar binnen gaan. We slenteren over de Champs- Elysées met zijn duren winkels, het kleine Place du Tetre waar artiesten hun schilderijen tentoonstellen en portretten tekenen en de Moulin Rouge. Pfff en dan aardig wat trappen omhoog om bij de Sacré Coeur te komen. Heerlijk dat ze zo’n geweldig metro netwerk hebben zodat we niet alles lopend hoeven te doen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

« Vorige Posts

Highslide for Wordpress Plugin